Werner Robert Ludwig Wilhelm Engelhardt

Werner Robert Ludwig Wilhelm Engelhardt

Werner Engelhardt werd in 1904 geboren in Siam, het huidige Thailand, waar zijn vader als ingenieur werkzaam was. De jonge Werner trad in de voetsporen van zijn vader en vertrok aan het begin van de jaren 1920 naar Duitsland waar hij aan de Universiteit van Heidelberg werd opgeleid tot ingenieur. Na het afronden van zijn opleiding werd hem een baan aangeboden bij de Nederlands-Indische Gasmaatschappij. Dat hij, volgens zijn dochter, vloeiend Nederlands sprak zal daarbij vast een rol gespeeld hebben.

In 1927 vertrok hij aan boord van het ss ‘Johan de Wit’ naar Nederlands-Indië. Hij vestigde zich in Semarang waar hij tegenover de familie Droste kwam te wonen. Al snel werd hij verliefd op de 17-jarige Bertha Droste. In 1931, kort na haar 18e verjaardag,  trouwden zij in de RK kerk in Semarang. Op 14 april 1933 werd hun dochter Gertrude (‘Trudy’)  geboren. Het gezin woonde aan de Gombal in Semarang.

In mei 1935 vertrok hij met zijn gezin aan boord van het ss ‘Christiaan Huygens’ op groot verlof naar Europa. In Europa bezocht het gezin familie in Zwitserland en Duitsland. Op 26 december waren ze weer terug in Tandjong Priok. Op 4 augustus 1936 werd hun zoon Günther geboren, op 18 januari 1938 gevolgd door hun tweede zoon Gerhard.

Werners dochter Trudy heeft herinneringen aan een mooie jeugd. Het gezin van de inspecteur van de gasmaatschappij woonde in een groot huis, had kindermeisjes en er werden leuke kinderfeestjes georganiseerd. Wel had de familie zorgen om oma Droste die aan reumatoïde artritis leed. Trudy sliep bij haar oma op de kamer om het kapokmatras van haar oma met boeken te verstevigen als de reuma opspeelde.

Hoewel het hele gezin de Duitse nationaliteit had, speelde Duitsland in het dagelijks leven geen rol van betekenis. Trudy herinnert zich haar vader als een erg vriendelijke man die accentloos Nederlands sprak, ook thuis. Veel van zijn vrienden en collega’s wisten niet dat hij Duitser was. Ook was hij, in Trudy’s woorden, ‘not politically inclined’. Groot was dan ook de verbijstering toen Werner op 10 mei 1940 plotseling werd opgepakt. Trudy: ‘Er kwam een auto, een aantal soldaten stapte uit en nam hem mee. Hij zei nog ‘Dag!’ tegen ons en vertrok. Ik heb hem nooit teruggezien.’ Haar moeder bezocht haar man in Ambarawa en Werner schreef brieven waarin hij zijn vrouw opriep de jongens op te voeden tot ‘gezonde jongemannen’.

Voor Trudy en haar broertjes veranderde alles. Zij hadden de Duitse nationaliteit en werden kort na de arrestatie van hun vader naar een internaat in de heuvels bij Semarang gestuurd. Tijdens hun verblijf daar moesten de kinderen Duits spreken, kniebuigingen maken en ‘Grüss Gott’ zeggen. De Duitse vrouwen die het internaat leidden waren erg strikt, vertelt Trudy, het was een soort kazerne. De kinderen sliepen op een slaapzaal. Bertha, die inmiddels de Nederlandse nationaliteit terug had weten te krijgen via een contact bij de gasmaatschappij, haalde haar kinderen er na twee maanden weer weg. Ze trokken in bij opa en oma in Jogyakarta.

Vanaf 1941 ontving Trudy’s moeder nog een aantal briefkaarten van haar man uit Kuta Cane, Blok A, barak 8. De kaarten dragen allemaal een rood stempel met ‘Censored’ erop. In 1942 ging Werner aan boord van de ‘Van Imhoff’ voor verplaatsing naar Brits-Indië. Hij zou er nooit aankomen. Zijn echtgenote ontving maanden later in Yogyakarta een bericht over zijn vermissing op zee en enige tijd later het  overlijdensbericht.

Toen de Japanners in 1942 de macht overnamen in Nederlands-Indië kwamen Bertha, haar ouders en haar (Duitse) kinderen in een ‘vreemdelingenkamp’ waar mensen van verschillende nationaliteiten ondergebracht waren (o.m. Zwitsers). Bertha mocht met een armband waarop stond dat zij de Duitse nationaliteit had, het kamp in en uit lopen. Zo kon zij voor haar zieke moeder blijven zorgen.

Na de oorlog en de daarop volgende Indonesische onafhankelijkheidsstrijd, vertrok het gezin naar Nederland. Bertha ontving tot haar dood een pensioen van de gasmaatschappij.

  • Geboren: 1904
  • Geboorteplaats: Siam (Thailand)
  • Gehuwd met Bertha Droste (1913), vader van Gertrude (‘Trudy’), Gerhard (‘Jerry’) en Günther (‘Günn’)
  • Woonplaats: Semarang
  • Werk: adjunct-directeur Nederlands-Indische Gasmaatschappij, Semarang
Bertha, Werner en Trudy Engelhardt in 1935
Herbert Schlösser

Herbert Schlösser

Herbert Siegfried Schlösser en zijn tweelingbroer Otto Herbert werden geboren op 25 november 1911 in de stad Szaszvolkàny, dat toen onder Oostenrijk-Hongarije viel maar tegenwoordig in het midden van het moderne Roemenië ligt. Zij waren het derde en vierde kind van Margrethe en Johannes Schlösser. Na de tweelingbroers volgden nog drie kinderen, twee zusjes en een broertje. De oudste vijf kinderen uit het gezin werden geboren in Szaszvolkàny. Vanwege de Eerste Wereldoorlog was de familie gedwongen Roemenië te verlaten in 1915. Het gezin vluchtte naar Duitsland en via Berlijn en Thüringen kwam het gezin in het Saargebied terecht, in de stad Saarlouis. Broer Otto koos voor een carrière als arts en bleef in Duitsland. Herbert had economie gestudeerd aan de universiteit. Net als veel van zijn familieleden had hij een avontuurlijke levenshouding. Hij wilde naar Amerika en solliciteerde voor een baan in de Verenigde Staten.

Maar in 1937 deed hij eerst wat anders. Zijn jongere zus Erica Schlösser was ‘met de handschoen’ (op afstand) getrouwd met Zeger Reijers, die zij via wederzijdse kennissen in Nederland had ontmoet. Zeger had net een baan in Nederlands-Indië geaccepteerd op een kina-onderneming nabij Bandung. Herbert werd gevraagd om zijn zus Margrethe tijdens haar bootreis naar Nederlands-Indië te begeleiden. Waarschijnlijk kon Herbert vervolgens de Verenigde Staten, waar hij eigenlijk heen wilde, niet meer bereiken door de dreigender oorlogssituatie op zee. Hij besloot in Nederlands-Indië te blijven. Op Java logeerde hij meermaals bij zijn zus Erica, die een door haar man gebouwd vakantiehuisje op de berg Bintang, nabij Bandung, had. Hij liet na een verblijf tijdens Pasen 1937 zelfs een lief bericht voor zijn zus achter in het gastenboek van het vakantiehuisje, dat haar dochter nog altijd in haar bezit heeft.

Herbert ontving via de Duitse consul in Nederlands-Indië een oproep voor militaire dienst. Als hij niet zou komen opdagen, zou zijn Duitse paspoort worden ingetrokken. Herbert voelde echter niks voor militaire dienst onder het naziregime. Hij had zich toen het Saarland in 1935 weer Duits gebied werd, al eens vrijwillig voor de dienstplicht gemeld bij de marine. Toen werd hij echter weggestuurd vanwege personeelsoverschotten. Herbert had tegen zijn familie gezegd dat hij liever zou deserteren, dan zou dienen onder de nazi’s.

Zo ver kwam het allemaal niet. Herbert werd namelijk op 10 mei 1940 vanwege zijn Duitse nationaliteit geïnterneerd. Hij had de gespannen situatie in de wereld goed aangevoeld. Hij had besloten een belangrijk bezit, zijn uit Duitsland geïmporteerde auto, aan zijn zus en haar man cadeau te geven. Zodoende kon die auto niet ‘onteigend’ worden tijdens zijn internering.

Herbert Schlösser kwam op 31-jarige leeftijd om bij de scheepsramp met de Van Imhoff op 19 januari 1942. Hij had geen directe nazaten, maar de herinnering aan hem leeft voort bij zijn nichten en neven in Duitsland en Nederland.

 

  • Geboren: 25 november 1911
  • Geboorteplaats: Szaszvolkàny, Roemenië
Friedhof Ohlsdorf

Friedhof Ohlsdorf

Inleiding door de onderzoekers

Op Friedhof Ohlsdorf in Hamburg, de grootste niet-militaire begraafplaats ter wereld, ligt een gedenksteen ter nagedachtenis aan de 411 Duitse burgergeïnterneerden die met de ramp met de Van Imhoff zijn omgekomen. Deze gedenksteen werd op 19 januari 1963 onthuld onder auspiciën van de Ostasiatische Verein. Ongeveer 200 mensen, onder wie familieleden van de omgekomen mannen, waren daarbij aanwezig. Sprekers bij deze bijeenkomst waren Emil Helfferich, voormalig (vice-)voorzitter van de Deutsche Bund in Nederlands-Indië, overlevende van de ramp Albert Vehring en de architect (van de gedenksteen) Alexander Koch, tevens zoon van een slachtoffer. De gedenksteen was er gekomen dankzij giften van Duitse firma’s in voormalig Nederlands-Indië: Behn, Meyer & Co., Carl Schlieper en Straits und Sunda Syndikat en dankzij de Ostasiatischen Verein.

Harry en Yvonne Hoekveld, zij is nazaat van twee slachtoffers, bezochten in december 2022 de gedenksteen. Op verzoek van het onderzoeksteam schreef Harry Hoekveld onderstaand verslag van dat bezoek.

 

Een bezoek aan Friedhof Ohlsdorf

door Harry Hoekveld

De aanleiding

Tijdens onze stedentrip naar Hamburg in december 2022 bezochten mijn vrouw Yvonne en ik Friedhof Ohlsdorf. Hier ligt een gedenksteen ter nagedachtenis van de 411 slachtoffers van de ramp met de Van Imhoff. Bij deze afschuwelijke ramp kwamen de opa en oom van mijn vrouw om het leven. Het bezoek betekende veel voor ons, de gedenksteen vormt immers een van de weinige tastbare herinneringen aan hen die bij de ramp om het leven kwamen. Niemand binnen onze familie had ooit van het bestaan van de gedenksteen gehoord. Bij toeval kwam ik een aantal jaren geleden op internet een in het Duitse tijdschrift Der Spiegel gepubliceerd artikel tegen waarin de gedenksteen voor het eerst werd genoemd. Vanaf dat moment was de wens en het plan geboren om de gedenksteen ooit te gaan bezoeken en nu was het dan eindelijk zover.

Hamburg is zeer goed aan te reizen met het openbaar vervoer. Wij namen via Duisburg (net over de grens bij Venlo) de trein en waren in circa drie uur in Hamburg. We verbleven in een hotel dichtbij metrostation Stephansplatz, vanwaar we makkelijk met de U-Bahn in vijftien minuten met de U1 naar Ohlsdorf reisden. Bij het verlaten van het metrostation sta je recht tegenover een voetgangersentree van de begraafplaats.

Het bezoek

In de verwachting toch wel wat zoekwerk te moeten verrichten had ik van de website van Friedhof Ohlsdorf een plattegrond gedownload en daarop de coördinaten aangegeven zoals die destijds in het laatste deel van de documentaire over de ramp met de Van Imhoff aan Anouk Hoeksema, de kleindochter van kapitein Hoeksema, bij haar bezoek aan de gedenksteen werden verstrekt. Zonder deze kaart zou het vrijwel onmogelijk zijn geweest om de gedenksteen terug te vinden. De begraafplaats is zo’n 391 hectare groot en biedt ruimte aan circa 235.000 graven en gedenkstenen en heeft diverse ingangen. Op de dag van ons bezoek was het koud druilerig weer. Het had de dagen ervoor gesneeuwd hetgeen de zichtbaarheid van de liggende steen wellicht zou bemoeilijken maar dat viel achteraf gelukkig mee. Bij het verlaten van het metrostation stonden we vrijwel recht voor de voetgangersingang. De zoektocht kon beginnen. We besloten de uitgestippelde route, ondanks dat we niet precies wisten hoe ver het was, te voet af te leggen. Achteraf bezien een goede keus want veel bezienswaardigheden liggen half verscholen in het groen, hetgeen vanuit de bus niet altijd zichtbaar zou zijn geweest. Gezien de grote afstanden bestaat op de begraafplaats namelijk de mogelijkheid om per bus te reizen.

Friedhof Ohlsdorf is in 1875-‘76 onder architectuur als landschapspark aangelegd en in de loop der tijd uitgegroeid tot een prachtig monumentaal park vol naald- en loofbomen omgeven door struiken en hagen. Bij ons bezoek hebben we slechts een deel van het park gezien. Achteraf bezien toch wel jammer want zoals ik er pas later achter kwam bestaat de begraafplaats uit veel meer interessante plekken en bezienswaardigheden waar de geschiedenis de afgelopen 150 jaar z’n materiële sporen in diverse vormen heeft nagelaten.

De begraafplaats kent een grote verscheidenheid aan graven en gedenkstenen, waarbij met de aanleg rekening is gehouden met thema’s als geloof, cultuur, nationaliteit, sociale klasse, beroepen en bepaalde gebeurtenissen uit de geschiedenis. Sommige (familie)graven zijn getooid met hele bijzondere liefdevolle grafmonumenten in de vorm van prachtige beeldhouwwerken, gelijkend op werken van bijvoorbeeld August Rodin.

Het deel van Friedhof Ohlsdorf dat wij bezochten had geen duidelijk thema, de graven lagen her en der verspreid zonder dat er sprake was van een echt gestructureerd grafveld. Dit maakte het zoeken naar de gedenksteen er natuurlijk niet makkelijker op. Het gebied wordt doorkruist door wandelpaden en watertjes. De afstanden en verhoudingen op de kaart leken vaak anders dan in werkelijkheid. Maar na een wandeling van een half uur kwamen we dan eindelijk op de plek die ik uit de documentaire herkende. Twee gelijkvormige platte verweerde stenen gedeeltelijk bedekt met mos en afgevallen blad, waarvan de linker steen de uit het Duits vertaalde inscriptie bevatte:

 “Voor de 411 burgergevangenen van de Van Imhoff.

Omgekomen in de Indische Oceaan in januari 1942“

Een bijzonder emotioneel moment waarnaar we al een tijd  hadden uitgekeken. Ondanks dat het niet om het feitelijke graf van de opa en oom van mijn vrouw ging, voelde het voor ons toch heel bijzonder om op dat moment op die plek bij de dood van hun beiden en al die andere slachtoffers stil te staan.

De achtergelaten witte roos symboliseert zuiverheid, onschuld en eerbied. Een toepasselijk symbool denk ik.

Een bezoek aan Friedhof Ohlsdorf is zeker de moeite waard, zelfs als je niet expliciet naar een graf of gedenksteen opzoek bent. Op de website van Friedhof Ohlsdorf is veel informatie over de begraafplaats terug te vinden. Een eventueel bezoek kan het beste in het voorjaar of de zomer worden gepland. Dan komen de diverse themaparken qua groenvoorziening en beplanting het best tot z’n recht.

 

De foto’s bij dit stuk zijn gemaakt door Harry Hoekveld. Deze mogen niet zonder toestemming worden overgenomen.

De plattegrond is hier te downloaden. Deze is afkomstig van Friedhof Ohlsdorf. De coördinaten zijn toegevoegd door Harry Hoekveld.